dinsdag 20 januari 2015

30 Nederlandse les


Sinds deze week zijn we plotsklaps begonnen met Nederlands leren. Als je lichamelijk niets mag doen kom je al gauw op leeswerk uit. En zo kwam ik het boek in mijn laptop tegen. Natuurlijk had ik het weer niet helemaal gescand met als gevolg dat ik de eerste 5 lessen mis. Maar ervaring genoeg om met handen en (zere) voeten duidelijk te maken wat een woord betekent.
Tapha en Salieu zijn de braafste leerlingen die ik ooit gehad heb. Stilletjes luisteren ze 's avonds na het eten naar de Nederlandse woordjes en zeggen ze na. Ondertussen probeer ik bij het woord "been"mijn zere poot olijk de lucht in te steken. Gelukkig komt daarna het woord "tong"en mag ik mijn tong uitsteken.. De jongens zijn bijna te serieus om er om te kunnen lachen, dus dat doe ik dan maar in mijn eentje.
Deed ik het afspelen van de geluidsbestandjes  eerst nog via de laptop, nu doen we het via het WakaWaka radiootje. De laptop liep steeds razendsnel leeg en ik kwam aan niets meer toe na een les. Nu heb ik de bestanden op een memorycard gezet die in het radiootje past.
Zittend bij de WakaWaka lamp en daarnaast het knalgele radiootje doen de jongens hun lesje: tellen en kleuren. Geel is de kleur die ze nu het beste kennen. Het radiootje gaat op Solar, en laad zich op via de solarlamp. Niks geen batterijen dus. Zon Zon Zon. Een uitkomst. Leek het me destijds een belachelijke aanschaf, de knalgele WakaWaka-rugzak met 2 lampen, een radiootje, een batterijlader en diverse plugjes en kabels, nu weet ik wel beter. Het is zijn 135 euro meer dan waard!

vrijdag 16 januari 2015

29 Soesoelaa!

Soesoelaa!
Iedereen is in ruste. De vrouwen liggen gewikkeld in hun dunne vierkante shawls op de matras onder het muskietennet. Tiko nog steeds op het hoofd. Het felle Tl-licht blijft aan. Toen ik het eens uitdeed hoorde ik de oude dame tegenover me het bed uit stommelen.  Ze zou nog struikelen in het donker in haar wijde gewaad en dus ging het licht gauw weer aan.
Ik zit bij de ingang van de zaal op een stoel met mn zielige been op een tweede stoel.  Naast me ligt de dochter van de andere overbuurvrouw op een kaal met plastic overtrokken matras. Het laken komt er pas op als er een patiënt binnen gebracht wordt. In foetushouding probeert ze het niet koud te hebben en de malariamuggen geen kans te geven, want ook geen net boven het bed. Ik overzie de zaal. Ze heeft het door en kijkt even naar me op. "Gezellig hé zo?" zeg ik in het Nederlands en moet lachen om de situatie. Ze lacht met me mee en zegt fluisterend: Soesoelaa! Ik denk dan nog dat dat 'gezellig!' betekent. Maar als ze vervolgens gespeeld geïrriteerd opspringt en de tiko van haar hoofd trekt en wild om zich heen gaat slaan, weet ik dat ze de muggen bedoelt. Ik kan mijn lachen niet onderdrukken. Ze sjeest de zaal door en slaat en wappert met de dunne doek waar ze maar kan. Steeds maar Soesoelaa! roepend en mij bevestigend aankijkend. "Zie je wel? Ik zei het je toch? Muggen!" Geestig hoe je zonder elkaars taal te verstaan met een enkel woordje uitstekend kunt communiceren en lol maken. Want even later is iedereen weer klaar wakker en gieren we het uit, om beurten Soesoelaa! roepend.
Als de verpleger binnenkomt om de beruchte infuusinjectie aan me te geven wordt het even stil. Ik kreun als het eerste vocht naar binnen dript. "Soesoelaa!! fluistert de vrouw lief. "Soesoelaa!" antwoordt ik en speur ondertussen ter afleiding het plafond af naar die rot  muskieten. Kleine mugjes die rond dwarrelen zonder geluid. Gemeneriken. Soesoelaa!
Als de ellende achter de rug is hink-stap ik naar mijn bed. De vrouw is tot mijn grote verbazing niet bij haar eigen - wel logisch.. half verlamde - moeder maar bij de buurvrouw in bed gekropen. Soesoelaa! roept ze vanonder net muskietennet naar me. .
Soesoelaa! roep ik terug. Ze heeft gelijk. Je gaat toch niet zonder net slapen als het niet hoeft?! En dat de één een eigenlijk onbekende patiënt is... wat maakt dat nou uit?! We are all family!
Soesoelaa!!

28 Kommer en Kwel

Woensdag 14 januari
Kommer en kwel. Nergens goed voor, dacht ik toen ik me plots realiseerde dat het veelal de inspiratiebron geweest is van vele grote schrijvers. Neem Thomas Mann die "De Toverberg"schreef tijdens zijn verblijf in een Zwitsers kuuroord vanwege zware tuberculose. Of August Willemsen die "De Val"schreef tijdens zijn verblijf in een revalidatiecentrum en voor hem destijds tevens afkickkliniek. En zo kan ik er nog wel een paar opnoemen.
Over geluk schrijven is in mijn ogen zoveel minder interessant. Het verveelt al gauw en -  sorry dat ik het zeg - maar doet vaak niet onder voor de Bouquet-reeks.
Nee, dan ellende. Ik lust er wel pap van ;-) Ik kan uitgebreid vertellen over het wel en wee op de ziekenhuiskamer waar ik inmiddels met drie ander kotsende, rillende en kreunende vrouwen lig. En dan toch nog lol proberen te maken. Ik hoef de dames van het bezoek maar een compliment over hun dress te maken en ze zeggen direct "you can have it". Dat het tevens een compliment is aan de enorme billenpartij die pront onder het jakje uitsteekt, zeg ik maar niet. Het jakje van geel met zwarte noppenkatoen draagt ze strak over de forse borsten en flinke armen. Strak in de taille ingesnoerd waaiert het vervolgens vrolijk uit boven de strak over de billen getrokken rappa. Kunst.


Vanmiddag kreeg Tapha 'lunch' aangereikt door de verzorgende dochter van de overbuurvrouw. Een volle schaal met rijst. Ik moest er vooral van mee eten maar walgde ervan. Ik zei "njato njato - later-later" en draaide mijn hoofd zo snel mogelijk weg van het eten.
Ze moeten vreselijk lachen als ik Mandinka spreek. Zelf denk ik dan meteen dat ik het  wel niet goed zal zeggen, maar het tegendeel is waar volgens hen. Toen de dokters en verplegers vanochtend hun ronde deden en me vroegen hoe het ging, antwoordde ik automatisch in het Mandinka. De ogen van de verplegers-in-opleiding  puilden bijna uit en grinnikend verscholen ze zich achter elkaar. Hilarisch!

Het papier is op. Ik heb een velletje gekregen van de dienstdoende arts, maar dat is te klein om een heel verhaal neer te pennen. Ik kon niet slapen en dan schrijven de verhalen zichzelf in mijn hoofd. Het kom vast allemaal wel goed, maar blijft dat ik malaria mijn slechtste vijand niet toewens. De injecties en infusen. De vieze pillen, de wc die me doet denken aan Sally's nestje, het heeft allemaal niet de schoonheidsprijs maar ik doe het ermee. En doe mij de volgende keer maar een gewone griep..

zondag 11 januari 2015

27 Its all about caring

Zucht. Weer iets kwijt. Op zich niks bijzonders, ware het niet dat alles wat ik inbreng uiterst interessant is. Dat in combinatie met het geen respect hebben voor andermans spullen maakt me bezorgd. Stelen kun je het niet altijd noemen, hoewel we daar zojuist weer een mooi staaltje van gezien hebben. "I need it" wordt er gezegd, en daarmee moet je het dan maar doen. Weg is weg. Gelukkig hebben we het WakaWaka radiootje terug gevonden op de bodem van de jeep. Maar het is een goede waarschuwing. Alles blijft in huis en de mensen blijven buiten. De gelegenheid maakt hier absoluut de dief.
Gisteren kwam Salieu geschokt vertellen dat zijn geld gestolen was. Nog schokkender werd het verhaal toen we van hem begrepen dat hij met Buba - een van Taphas apparentes en een van de jongens die hier in huis woonden tot voor kort - in een kamer geslapen had en dat diezelfde Buba 's ochtends in alle vroegte vertrokken was naar Casamance in Senegal.  Met Salieus geld dat hij met keihard werken bij mij had verdiend. Hoe kun je je vergissen in iemand. Ik mocht Buba, ondanks al zijn stommiteiten die me goud geld kostten. Hij mocht als enige op mijn fiets omdat hij een handicap aan zijn heup heeft na een val. Gewoon vertrokken zonder iets of iemand iets te zeggen met het geld van een ander. En dan te bedenken dat hij hier in huis overal bij kon, want de kluis tevoorschijn halen leek me niet nodig gezien het geld dat hier wegstroomt. In het huis weliswaar, maar toch.
Zucht. Het blijft zoeken naar een middenweg: de mensen half vertrouwen en proberen de goede van de kwade  te scheiden. Ik wil niet vooringenomen zijn, maar zal desondanks rekening moeten houden met de mentaliteit hier. Afgezien van het geen respect hebben voor andermans spullen, 'zorgen voor' is een minstens even groot probleem.  Dat er  dingen hier in huis zijn die 30 soms 40 jaar oud zijn is in de ogen van mijn mensen bijna magisch. Zelf laten ze alles slingeren en ruimen niets op. Soms lijkt het luiheid, soms desinteresse. Maar altijd komt het neer op kapotte spullen, kleren, fietsen en wat al niet. "My bike is broken" hoor je dan. En hoe dat komt? "Oh, de kinderen speelden ermee en toen lag hij naast het vuur en Bang! alle banden ontploften. En nu moet ik het hele eind lopen naar het dorp." Ik moet mezelf vermannen om geen geld voor een nieuwe band te geven. Niet doen Tien! Als ze zelf niet voor hun spullen kunnen zorgen hebben ze pech.

Pech. Zo is het maar net. En het Afrikaanse leven gaat gewoon weer verder. Ook zonder fiets.

zaterdag 10 januari 2015

27 To the footballfield

 

Voetbal op zaterdag. De match tussen Santos en Gamcel. Santos wint de Trophy  dit jaar met 3-0 

(wordt vervolgd)

vrijdag 9 januari 2015

26 Schatje

Het is half acht in de morgen. Ik wil de zon zien opkomen maar vermoed dat ze achter de strak grijze lucht zit want het is wel al licht. Wolken? Gistermiddag kwamen ze opeens. Weg zon. De oranje gloed over de bananenplanten blijft dus even uit. Een haan kraait ongeduldig. Sally wringt zich uit haar 'hokje' buiten om mij te begroeten. Ze kan zo blij zijn en tevreden. En waakzaam, want ze heeft vier baby's. Hier snauwt men "Atsja!!" tegen honden om ze - om wat dan ook - weg te sturen.  Ook Tapha bijt haar een Atsja!! toe als ze vrolijk op het dekbed afstormt waar hij in weggedoken ligt. Ze wil hem juist goedemorgen zeggen in bed. Ik leg dat hem uit en lief krauwt hij haar over haar koppie.
Ik kruip terug in bed met de volle laptop. Een mooi verhaal schrijven, halt aan ellende en/of frustratie.  Elke dag brengt iets nieuws, zo ook vandaag. We krijgen logees. Dat zit zo.

Toen we van de week een dagje in Senegal waren bij MbaFatou en haar familie, wist dochter Ndaye me al te vertellen dat de meisjes - 14 en 7 jaar - zeker een keer 'for weekend' zouden komen. Lachend schudde ik ja en dacht dat dat mijn tijd wel zou duren. Maar een dag later belde ze me al op. "Next weekend is allright Tineke?" Denk denk denk, ik heb toch geen agenda? En wat zou er op het programma moeten staan zodat ze niet kunnen komen? Ik kon geen reden bedenken en dus zei ik ja. Het is vrijdag vandaag en het weekend begint na de prayers. Ndaye neemt ze mee vanuit Dioloulou, het dorp waar ze net over de grens van Gambia wonen, en belt zodra ze in Brikama zijn, zodat ik ze daar op kan pikken.

Ik kan weinig tegen Ndaye inbrengen. Zo gek (psychotisch) als ze vier jaar geleden was toen ze op alle-dagen van Robbie liep, zo vrolijk en ondernemend is ze nu. Tot voor kort werkte ze als teacher Frans op een soort mavo. Nu is ze begonnen om haar studie Frans aan de universiteit af te ronden. Huh? denk ik, een universiteit in Brikama, het uit de kluiten gewassen dorp waar ik de wekelijkse boodschappen doe?  Ze legt me uit dat daar een soort dependance van de Universiteit in de hoofdstad is gekomen.  Haar man is teacher in Dioloulou en zal waarschijnlijk voor de kosten opdraaien, want van een sponsor is geen sprake.

Elke dag neemt Ndaye trouw haar psychose-pillen. Dat heeft geleid tot een wereld van verschil. Al direct zie je dat aan haar lijf, kogelrond met een fors naar voren stekende buik. "No, I am not pregnant" lacht ze me toe. "Its the tablets and I like eating."  Als ik tijdens het kleding uitdelen een bruine wijde rok ophoudt trekt ze die bijkans uit mijn handen om even later trots erin te verschijnen.Waar wij proberen onvolkomenheden te verbloemen doet Ndaye nog een extra duit in het zakje. Over de rok, om de buik, heeft ze nog eens een extra kralenketting gedaan, zodat die niet langer te missen is. Ze danst rond als een mannequin en showt met chique handgebaartjes: "Look Tineke, how nice!" Met haar ronde wangen en stralende ogen onder een olijk ogend fluwelen mutsje, pakt ze me in. "Je bent een schatje!" roep ik. "A schatje? what is that?" Ik leg haar uit dat ik iedereen die ik lief vind een schatje noem. Tapha, maar ook de hond Sally, en zij dus ook. Ze danst naar haar man die verderop tegen het huis geleund zit, wringt zich naast hem op het veel te kleine bankje en kust hem  gierend van het lachen op de wang. "You are my schatje!!" De man, verlegen onder zoveel plotselinge openbare aandacht, glimlacht onzeker.
"You should tell him: no more babies! He wants a girl with the name Tineke" spoort ze me aan. Ndaye weet als geen ander dat ze daar niet meer aan moet beginnen. De kans op weer een psychose is te groot. Ik bevestig het en bovendien.. er zijn nu vijf Tinekes naar Tien1 en mij vernoemd. Dat lijkt me echt genoeg.
Vanmiddag zie ik haar dus weer als ze de meiden in Brikama aflevert. Waar gaat zij dan naartoe? Of komt ze soms ook logeren?! Ahum! We zullen het zien, maar het zal me niet verbazen. Goed weekend allemaal!